WAT IK ONDERWEG MIS

Bijgewerkt op: 2 dagen geleden
Soms twijfel ik of ik mijn doelen wel écht wil. Of eigenlijk: soms word ik aan het twijfelen gebracht. Ben ik nu helemaal gestoord geworden? Verknipte ikke plus?
Een marathon lopen, een HYROX Pro Solo doen. Ik ben geen 25 meer en heb ook niet mijn hele leven getraind. Sterker nog, jaren roken, drinken en ongezond eetpatroon zijn ongeveer het slechtst denkbare voorprogramma voor een marathon. Als ik dit wil halen, moet ik anders leven en daar hangt een rekening aan.
Niet alleen eentje voor mijn altijd lege portemonnee.
Niet roken vind ik iedere dag vreselijk moeilijk. Vooral op mijn werk, als de druk enorm oploopt en ik verlang naar dat ene rustige moment met een sigaret op vrijdag middag. Of op een terras met mijn vriendinnen, waar een sigaretje voor mij altijd bij het samenzijn hoorde. Er ligt nog een pakje in de kast. Precies hetzelfde pakje als op de dinsdag na carnaval. Het wacht netjes op me, als een ex die nog steeds denkt dat je terugkomt. Het verbieden aan mezelf is zwaarder, nu hou ik vol iedere dag een dag niet te roken, minder streng en werkt tot op dit moment heel goed. Ik hou ook nog steeds vol dat ik na het passeren van de finish van de marathon een peuk op steek om terug te beginnen met roken en weer ga zuipen.

Veel minder drinken is misschien nog moeilijker. De sociale druk is groter dan bij het roken. Een glas wijn hoort er zo vanzelfsprekend bij dat ik soms al moe word van het gesprek dat volgt als ik het niet neem. Ook vind ik dit zo enorm lekker en ontspannen. Daarom sla ik afspraken en evenementen weleens iets over. Niet omdat ik geen zin heb in die mensen, maar omdat ik geen zin heb om de hele avond met die keuze bezig te zijn. En juist daardoor mis ik die mensen weer.
Op mijn werk voel ik die afstand misschien wel het meest. Ik duik na werktijd vaak rechtstreeks de sportschool in. Ik blijf minder lang hangen bij de collega’s met wie ik vroeger aan de bar stond. Zelfs een bakkie koffie schiet er geregeld bij in, omdat ik die uren nodig heb om te trainen. Soms kijk ik door de glazen wand naar het clubje waar ik altijd zo graag bij hoorde en denk ik: hoor ik daar nog wel bij? Ik maak geen lange avonden meer, ik begin voortaan soms al om 7.30 uur.
In mijn hoofd ben ik inmiddels vast de kantoormiep die de hele dag achter haar bureau zit. Terwijl ik nog steeds met gemak vijftig uur per week werk en nog nooit zo hard aan iets voor mezelf heb gewerkt. Maar mijn hoofd houdt zich niet altijd met feiten bezig.
Nog saaier
Op zaterdag lig ik tegenwoordig vaker om half twaalf in bed dan om vier uur aan de bar. Als ik uitga, wil ik het liefst om één uur thuis zijn. In uitgaanskringen is dat ongeveer vertrekken voordat het voorprogramma begint. Ik hou nog steeds van uitgaan. Ik mis het zelfs enorm. Een lange duurloop en twee uur trainen kunnen me heel gelukkig maken, maar soms voelt het ook gewoon saai en eenzaam. Ik ben bang dat het sociale leven dat ik heb tussen mijn vingers doorglipt. Omdat ik dit steeds minder doe, maak ik ook steeds minder mee en wordt een gesprek met mij nog saaier.
Zelfs bij Senna ben ik soms bang dat er iets verandert. We gaan minder vaak samen op stap en onze etentjes lopen minder snel uit de hand. Maar als er iemand bij mijn doelen betrokken is, is zij het wel. Ze steunt me enorm, motiveert me als ik twijfel en doet straks die dubbele HYROX in Valencia gewoon met me mee. Ik ben dus niet bang dat ze niet achter me staat. Ik ben bang om iets van wat wij samen altijd zo leuk vonden kwijt te raken. Zij is na een of twee dagen trainen weer hersteld; ik heb ongeveer een week nodig. Gezellig, die leeftijd.
En toch wil ik dit
Ik probeer ruimte te houden voor een avond waarop ik gewoon lekker eet, een glas wijn drink en niet op de klok kijk. Want ik wil mijn doelen halen, maar ik wil mezelf onderweg ook nog herkennen. Alleen voelt zelfs zo’n avond soms ongemakkelijk. Alsof ik moet kiezen tussen de versie van mezelf die graag aan de bar staat en de versie die zaterdagochtend wil hardlopen.
En toch wil ik dit.
Mijn moeder zegt ineens dat ze trots op me is. Dat heb ik haar niet vaak horen zeggen. Mijn vader schept over me op, mijn zusje en vriendinnen staan achter me, en Senna staat naast me. Dat maakt de afstand die ik soms voel niet ongedaan, maar het herinnert me eraan dat ik er niet alleen voor sta.
Voor het eerst in jaren wil ik iets afmaken dat helemaal van mij is. Niet omdat het moet, niet voor een ander en niet omdat de omstandigheden me ergens naartoe duwen. Gewoon omdat ík het wil. Ik heb genoeg dingen begonnen en niet afgemaakt. Deze keer wil ik weten hoe het voelt als ik doorga.
Ook op de dagen dat ik de rekening liever niet openmaak.
.png)



Opmerkingen